Leerdoelen · Bal · aanval
Lay-up en afronden
Dicht bij de ring scoren, uit een dribbel of vangbal, met beide handen en verschillende passen.
Cue
Kijk naar het blokje.
Waarom
De beste schoten in de jeugd zijn dicht bij de ring. De aanloop bepaalt welke afronding mogelijk is.
Wanneer kan hij het?
| Laag 0Bewust | Scoort een lay-up van rechts en links na een stap of twee, op een lage ring of met punten voor de ring. |
| Laag 1Controle | Kiest één of twee passen, en power lay-up na hop of stride stop. Beide handen. |
| Laag 2Je eigen beweging sturen | Rondt af door contact en zonder bord, met heupbeweging. |
| Laag 3Anderen laten bewegen | Combineert hoek, hand, tempo en passen naar de verdediger. |
Moeilijker maken
Eén as tegelijk een stap verder, de rest hetzelfde. De eerste as is de basis: alles daarna bouwt erop.
Aanloop: de eerste dribbel basis
- zelfde voet, zelfde hand
- voet en hand gekruist
- verschillende starts
- tempowissel
Oppakken en passen
- één pas
- twee passen
- power na stride stop
- power na hop stop
- euro step
- spin
Startplek
- 45 rechts
- 45 links
- midden
- hoek
- baseline
Afrondhand
- sterke hand
- zwakke hand
- wissel in de lucht
Bord
- met bord
- zonder bord
- hoogte variëren
- floater
Lichaam
- rechtop
- heupbeweging
- contact opvangen
Waar je op let
- Aanloop klopt, voet en hand
- Ogen open op het doel
- Zacht landen
Wat vaak misgaat
Lay-ups met de ogen dicht, of altijd van dezelfde kant zonder tegenstander.
Oefeningen die hieraan werken
Hoe het samenhangt
Eerst nodig Bewegen en stoppen, kop omhoogDribbelen
Maakt mogelijk 2-tegen-1: ga, de verdediger beslist
Opent Eerst de drive
Gaat samen met Zacht landenGoed schot
Lost op SchotkeuzeVolgorde